Op 19 november 2020 heeft minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) bij de Tweede Kamer het wetsvoorstel oneerlijke handelspraktijken landbouw- en voedselvoorzieningsketen ingediend (Wetsvoorstel). Met de invoering van Wetsvoorstel is beoogd de positie van voedselleveranciers in de voedselketen te versterken.

Richtlijn (EU) 2019/633

Het Wetsvoorstel is een implementatie van Richtlijn (EU) 2019/633 (Richtlijn) inzake oneerlijke handelspraktijken in de landbouw- en voedselvoorzieningsketen. Deze Richtlijn moet uiterlijk op 1 mei 2021 in de Nederlandse wetgeving zijn geïmplementeerd en 1 november 2021 in werking zijn getreden. De minister van LNV heeft op 8 juli 2019 al een wetsvoorstel ter consultatie ingediend om de Richtlijn te implementeren. Over de inhoud en de strekking van deze Richtlijn en het consultatievoorstel verscheen eerder een artikel op onze website.

Onderhandelingsmacht uit balans

Boeren, tuinders, vissers en andere leveranciers van landbouw- en voedingsproducten (zoals vleesverwerkers, zuivelfabrieken en groothandelaren die leveren aan detailhandel) kampen met een zwakke onderhandelingspositie tegenover hun afnemers. Voedselleveranciers staan onderaan de keten en de schakels verderop in de keten kennen een grotere mate van concentratie. Hierdoor is onderhandelingsmacht tussen partijen in de keten onevenwichtig verdeeld en komen de prijzen voor producten niet (altijd) eerlijk tot stand. Met de invoering van het Wetsvoorstel moet dit evenwicht worden hersteld.

Verbod op zestien handelspraktijken

Op de consultatie zijn 13 reacties uit de branche gekomen, variërend van afnemers, leveranciers en NGO’s. Het Wetsvoorstel dat is ingediend in de Twee Kamer wijkt niet veel af van het voorstel dat in consultatie is gegaan en is voornamelijk aansluiting gezocht bij de bepalingen in de Richtlijn.

Om de onderhandelingspositie van boeren, tuinders, vissers te versterken, zijn in het Wetsvoorstel zestien handelspraktijken verboden. Daarnaast wordt het door de kwalificering van oneerlijke handelspraktijken makkelijker om dit aan de kaak te stellen. Enkele voorbeelden van verboden handelspraktijken zijn: het door de afnemer op korte termijn annuleren van de levering van bederfelijke producten en het door de afnemer vorderen van leverancier dat hij betaalt voor het bederf of verlies van producten. Een ander voorbeeld is het eenzijdig wijzigen door de afnemer van de voorwaarden van een leveringsovereenkomst.

Handhaving

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) is de instantie die gaat zorgdragen voor de handhaving van de nieuwe regels. Daarnaast biedt het Wetsvoorstel de minister van LNV de mogelijkheid om een laagdrempelige geschillencommissie aan te wijzen.

Hoe het Wetsvoorstel in de Tweede Kamer zal worden behandeld en of het in de huidige vorm zal worden aangenomen, is nog onduidelijk. Wij houden u hier vanzelfsprekend van op de hoogte.

Meer informatie

Heeft u vragen over oneerlijke handelspraktijken of wilt u hierover meer informatie? Neem dan contact op met Merel Lentjes of een van de advocaten van team Food & Agri. Zij zijn u graag van dienst.

December 2020