De WAB introduceert een definitie van het begrip oproepovereenkomst. Kort gezegd houdt dit de overeenkomst waarin 1) de omvang van de arbeid niet in een aantal uren per tijdseenheid (bijv. een maand) is vastgelegd en 2) de werknemer geen recht op loon heeft indien hij op het naar tijdruimte vastgestelde loon geen arbeid verricht.

De werkgever moet de oproepkracht ten minste vier dagen voordat de werkzaamheden aanvangen oproepen. Als dit niet tijdig gebeurt, dan hoeft de werknemer geen gehoor te geven aan de oproep. Bij cao kan deze oproeptermijn worden verkort tot 24 uur.

Als een eenmaal gedane oproep binnen vier dagen weer door de werkgever wordt ingetrokken behoudt de oproepkracht zijn recht op loon over de periode waarvoor hij oorspronkelijk was opgeroepen behoudt.

Verder is opgenomen dat de werkgever die de werknemer twaalf maanden zonder dat de werktijd is vastgelegd heeft laten werken, binnen een maand na afloop van die periode de werknemer een arbeidsovereenkomst moet aanbieden ten minste gelijk aan de gemiddelde arbeidsduur in de voorgaande twaalf maanden. Indien de werkgever dit aanbod niet doet, dan heeft de oproepkracht recht op loon over deze gemiddelde arbeidsduur vanaf de uiterlijke datum dat de werkgever het aanbod had behoren te doen.

Dit onderdeel van de WAB is in 2019 beschreven. De WAB is inmiddels per 1 januari 2020 inwerking getreden.