Afbreken onderhandelingen: dure les voor schoolbesturen!

Aan het afbreken van onderhandelingen in een vergevorderd stadium kan een prijskaartje hangen. Een goed voorbeeld hiervan is de zaak die voorlag bij het Gerechtshof Amsterdam (hierna: het hof) waarin het hof op 19 december 2017 oordeelt dat de aanbieder van de buitenschoolse opvang (hierna: BSO) gerechtvaardigd erop mocht vertrouwen dat een overeenkomst voor BSO met de twee schoolbesturen tot stand zou komen. De schoolbesturen dienen aan de aanbieder van de BSO de door haar geleden schade te vergoeden, waaronder begrepen de gederfde winst.

 Waar draaide het in deze zaak om?

Feiten
De besloten vennootschap Tinteltuin BV (hierna: Tinteltuin), de eisende partij, verzorgt kinderopvang, BSO en peuteropvang in onder meer De Rijp. Intergemeentelijke Stichting Openbaar Basisonderwijs (ISOB), gedaagde 1, houdt twee basisscholen in De Rijp en West Graftdijk in stand en Stichting Flore (hierna: Flore), gedaagde 2, twee basisscholen in Graft en de Rijp.

De gemeente Alkmaar (hierna: de Gemeente), gedaagde 3, heeft plannen ontwikkeld om een multifunctionele onderwijsvoorziening (hierna: de Brede School) te realiseren in Graft en De Rijp. In de periode april 2006 tot maart 2007 heeft de Gemeente de haalbaarheid van dit plan onderzocht. Hiervoor heeft zij meerdere partijen in de regio geïnterviewd, waaronder ISOB, Flore, Kids BV (eigenaar/exploitant van kinderdagverblijf KIDS IV), Stichting Peuterspeelzaal Jonas en Tinteltuin (hierna gezamenlijk: de Participanten).

Intentieovereenkomst voor realisatie Brede School
De Participanten hebben in november 2007 een intentieovereenkomst met de Gemeente getekend. Doel van deze overeenkomst was het vastleggen van het plan van aanpak en het vastleggen van afspraken om gezamenlijk tot de realisatie van de Brede School te komen.

De Gemeente heeft op 16 februari 2012 ingestemd met de ontwikkeling van de Brede School. De Stuurgroep, die sturing zou geven aan het proces, bestond op dat moment uit ISOB, Flore, de Gemeente en Kids BV. De Projectgroep bestond uit voornoemde partijen en Tinteltuin.

Op 7 mei 2012 hebben ISOB, Flore, Kids BV, de peuterspeelzaal Jonas in de Walvis en de Gemeente een convenant voor de oprichting van de Brede School gesloten.

De Stuurgroep ging vervolgens op zoek naar geïnteresseerde kandidaten voor het verzorgen van de BSO op de Brede School. Op 19 november 2012 heeft Tinteltuin in dit verband een presentatie verzorgd voor de schooldirecteuren van de bij Brede School betrokken scholen en een aanbod gedaan voor het verzorgen van de BSO op de Brede School. Naar aanleiding hiervan is door de Projectgroep het besluit genomen om de BSO door Tinteltuin te laten verzorgen. De notulen van de op 18 januari 2013 gehouden vergadering van de Projectgroep, luidde, voor zover hier van belang, als volgt:

“ISOB deelt mede dat er besluit is genomen over de BSO. Het is Tinteltuin geworden. De Tinteltuin zal zo spoedig mogelijk uitgenodigd worden om bij de overleggen aan te sluiten en indien mogelijk al op 7 februari bij de architectenselectie. ISOB overlegt dit a.s. maandag met de Tinteltuin. (..)”

In de notulen van 20 januari 2014 is nog eens vermeld:

“(..) Besproken wordt of het feit dat de schoolbesturen de BSO vorig jaar hebben aanbesteed en hierbij een keuze voor Tinteltuin hebben gemaakt. (..)”

In november 2013 trok Kids BV zich terug als aanbieder van de kinderopvang. Tinteltuin is toen door de Stuurgroep benaderd om een offerte uit te brengen voor de kinderopvang. Dit heeft Tinteltuin op 13 januari 2014 ook gedaan. In haar offerte heeft zij tevens verwezen naar het feit dat de schoolbesturen reeds definitief hadden gekozen voor Tinteltuin als aanbieder van de BSO. Een maand later is Tinteltuin echter door ISOB en Flore medegedeeld dat de keuze op Forte Kinderopvang is gevallen voor de BSO. Tinteltuin heeft ISOB en Flore verzocht om hun keuze te heroverwegen. ISOB en Flore bleven echter bij hun besluit naar aanleiding waarvan Tinteltuin een procedure bij de rechtbank Noord-Nederland (hierna: de Rechtbank) aanhangig heeft gemaakt.

Standpunt Tinteltuin
In de procedure bij de Rechtbank vordert Tinteltuin een verklaring voor recht dat ISOB, Flore en de Gemeente (hierna gezamenlijk: de Gedaagden) hoofdelijk aansprakelijk zijn voor vergoeding van de schade, die bestaat uit (i) de directe kosten verbonden aan de werkzaamheden van Tinteltuin, groot EUR 3.237,52 (ii) het verlies van de dekking in de algemene (overhead-)kosten van Tinteltuin, die bij een reguliere exploitatie door Tinteltuin van de BSO in de Brede School zou zijn gegenereerd, gedurende een periode van vier jaren, althans een nader te bepalen periode, en (iii) het verlies aan de bijdrage in de winst van Tinteltuin die bij een reguliere exploitatie door Tinteltuin van de BSO in de Brede School zou zijn gegenereerd, gedurende een periode van vier jaren, althans een nader te bepalen periode.

Hierbij stelt Tinteltuin zich allereerst op het standpunt dat Gedaagden zijn tekortgeschoten in de nakoming van de BSO overeenkomst.

Voor zover geen sprake is van totstandkoming van de BSO overeenkomst stelt Tinteltuin zich op het standpunt dat Gedaagden onrechtmatig jegens Tinteltuin hebben gehandeld door in een vergevorderd stadium de onderhandelingen af te breken. Daarmee hebben Gedaagden volgens Tinteltuin in strijd gehandeld met de precontractuele goede trouw. Tinteltuin is immers van mening dat zij, gelet op de uitlatingen en gedragingen van Gedaagden, gerechtvaardigd erop mocht vertrouwen dat een BSO overeenkomst tot stand zou komen.

Standpunt ISOB, Flore en de Gemeente
Gedaagden, stellen zich, kort gezegd, op het standpunt dat geen sprake is van een overeenkomst tussen partijen. Het is inderdaad juist dat met Kids BV is gesproken over de kinderopvang en met Tinteltuin over het verzorgen van de BSO. Dit zouden echter slechts verkennende gesprekken zijn geweest. Tot definitieve afspraken zou het nooit zijn gekomen. Verder stellen Gedaagden dat in de Stuurgroep en Projectgroep ook niet de personen zaten die Gedaagden rechtsgeldig konden vertegenwoordigen.

Van een schending van de precontractuele goede trouw zou ook geen sprake zijn, daar het slechts zou zijn gegaan om verkennende gesprekken met Tinteltuin over het verzorgen van de BSO voor de Brede School. Ook zou aan Tinteltuin zijn aangegeven dat, met het wegvallen van Kids BV, de wens bestond om kinderopvang, BSO en peuterspeelwerk te laten verzorgen door één partner.

Beoordeling rechtbank
De rechtbank komt op 30 december 2015 tot het oordeel dat er geen overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen omdat er volgens de rechtbank nog geen overeenstemming was bereikt over de essentialia van de BSO overeenkomst. De essentialia betreffen de kern van de prestaties (omschrijving van de door partijen te verrichten belangrijkste werkzaamheden) waarover tussen partijen wilsovereenstemming dient te zijn bereikt wil sprake zijn van (romp)overeenkomst.

Evenmin acht de rechtbank het afbreken van onderhandelingen door Gedaagden onaanvaardbaar en onrechtmatig. Hierbij stelt zij het beginsel van contractsvrijheid voorop. Dit beginsel houdt in dat partijen vrij zij om te af te spreken wat en met wie ze willen, zolang deze afspraken niet in strijd zijn met de wet (bijvoorbeeld in strijd met de openbare orde en goede zeden).

Aldus worden de vorderingen van Tinteltuin door de rechtbank afgewezen, met uitzondering van haar vordering ter zake kosten die door Tinteltuin zijn gemaakt in het kader van de onderhandelingen van EUR 3.237,52.

Beoordeling hof
Tinteltuin gaat in hoger beroep bij het hof tegen de uitspraak van de Rechtbank.

Allereerst overweegt het hof dat het verweer van de Gemeente slaagt dat zij geen partij was bij de onderhandelingen tussen de ISOB, Flore en Tinteltuin en dat er ook geen contractuele relatie tussen Tinteltuin en de Gemeente is of zou ontstaan. Die relatie zou er alleen met ISOB en Flore ontstaan. Het zijn alleen ISOB en Flore die van de Gemeente de schoolruimten gaan huren, welke schoolruimten in eigendom blijven van de Gemeente.

Verder onderschrijft zij het standpunt van de rechtbank dat er geen BSO overeenkomst tot stand is gekomen. De keuze voor Tinteltuin is wel uit de notulen van de vergaderingen gebleken, maar de inhoud van de samenwerkingsovereenkomst was nog niet uitgewerkt. Met andere woorden: de concrete praktische en financiële invulling van de BSO moest nog plaatsvinden.

Schadevergoeding bij afbreken onderhandelingen
Vervolgens hanteert het hof bij de vraag of Gedaagden onrechtmatig hebben gehandeld door in een vergevorderd stadium de onderhandelingen af te breken de volgende maatstaf (r.o. 3.9):

” Als maatstaf voor de beoordeling van de schadevergoedingsplicht bij afgebroken onderhandelingen heeft te gelden dat ieder van de onderhandelende partijen – die verplicht zijn hun gedrag mede door elkaars gerechtvaardigde belangen te laten bepalen – vrij is de onderhandelingen af te breken, tenzij dit op grond van het gerechtvaardigd vertrouwen van de wederpartij in het totstandkomen van de overeenkomst of in verband met de andere omstandigheden van het geval onaanvaardbaar zou zijn.”

Hier voegt het hof aan toe dat bij deze beoordeling rekening dient te worden gehouden met de mate waarin en de wijze waarop de partij die de onderhandelingen afbreekt tot het ontstaan van dat vertrouwen heeft bijgedragen en met de gerechtvaardigde belangen van deze partij, alsmede met de gerechtvaardigde belangen van de partij die onderhandelingen afbreekt.

Het hof komt tot het oordeel dat het afbreken door ISOB en Flore van de onderhandelingen met Tinteltuin onrechtmatig en onaanvaardbaar zijn. De belangrijkste redenen zijn als volgt:

  1. op ondubbelzinnige wijze aan Tinteltuin laten weten dat zij de BSO zou gaan verzorgen. Hierbij verwijst zij naar de hierboven vermelde notulen van 18 januari 2013 en 20 januari 2014;
  2. met dat vooruitzicht ook betrokken bij alle voorbereidende activiteiten rondom de oprichting van de Brede School;
  3. ISOB heeft bevorderd dat Tinteltuin haar toenmalige zelfstandige locatie voor BSO verliet om in te trekken bij de Tweemaster, met als doel de nodige ervaring op te doen in het samen delen van een locatie;
  4. Indien ISOB en Flore groot belang hadden gehecht aan het in een hand komen van BSO en kinderopvang, wat tot op dat moment niet aan de orde was geweest, had het voor de hand gelegen om ten minste aan Tinteltuin deze wens kenbaar te maken;
  5. ISOB en Flore hebben ook geen (andere) feiten en of omstandigheden van voldoende gewicht naar voren gebracht die hun keuze inzichtelijk maken of rechtvaardigen.

Het hof verklaart dan ook voor recht dat ISOB en Flore schadeplichtig zijn jegens Tinteltuin wegens het afbreken van de onderhandelingen met Tinteltuin. De totale schade (waaronder ook begrepen de gederfde winst) is thans niet te begroten, maar zal dienen te worden vastgesteld in een schadestaatprocedure.

Aanbeveling
Bovengenoemde zaak leert eens te meer dat partijen die met elkaar in onderhandeling treden zich bewust dienen te zijn van hun gedragingen en uitlatingen naar elkaar toe en het in dit kader bij de ander opgewekte vertrouwen.

In een eerdere publicatie “van de letter of intent tot het afbreken van onderhandelingen: tips and tricks” heb ik uiteengezet hoe partijen kunnen voorkomen dat de ander partij te snel erop vertrouwt c.q. erop mag vertrouwen dat sprake is van een overeenkomst dan wel een overeenkomst tot stand zal komen. Hierbij valt te denken aan het opnemen van voorbehouden (bijvoorbeeld goedkeuringsvoorbehoud college van bestuur / raad van toezicht / medezeggenschapsraad bij totstandkomen BSO overeenkomst) in de intentieovereenkomst.

De bijdrage ““van de letter of intent tot het afbreken van onderhandelingen: tips and tricks”  is door de academie voor de rechtspraktijk genomineerd voor de Magna Charta Bouwrecht publieksprijs “beste blog 2018.”

Meer informatie
Heeft u vragen over dit onderwerp? Wilt u meer informatie? Neem dan contact op met Sandra Caelers (specialist bouwrecht) van ons team Onderwijs.

Maart 2018

712 
Ik help u graag verder

Meest gelezen
  • ‘Kopietje paspoort’
  • ‘Oude’ pandeigenaren versus nieuw...
  • ‘Recht op vergetelheid’ heeft geen...
  • “Als lekkerste getest” niet...
  • “Detachering” leerling is verwijdering