Biometrische gegevens van overleden personen

In de media werd vorige week aandacht besteed aan de werkwijze van uitvaartorganisatie DELA met betrekking tot het afnemen van vingerafdrukken bij overleden personen. Is de AVG in dit geval van toepassing? En welke regels gelden er voor het verwerken van biometrische gegevens, zoals vingerafdrukken? In deze bijdrage ga ik hier nader op in.

De AVG is niet van toepassing op overleden personen

 De AVG is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens. Een persoonsgegeven is alle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Voorbeelden hiervan zijn namen, adressen, telefoonnummers en gezondheidsgegevens. Aan de hand van deze gegevens kan een persoon namelijk worden geïdentificeerd.

In de AVG staat expliciet vermeld dat deze wetgeving niet van toepassing is op de persoonsgegevens van overleden personen. De AVG laat het aan de afzonderlijke lidstaten over om regels op te stellen over de wijze waarop met deze gegevens moet worden omgegaan. Dit is echter niet verplicht. De Autoriteit Persoonsgegevens adviseerde in dat kader om bepaalde rechten van personen van overeenkomstige toepassing te verklaren op overledenen of te bepalen dat deze gedurende een bepaalde periode na overlijden door de nabestaanden kunnen worden ingeroepen. Dit in verband met onder andere het gebruik van deze gegevens op social media. De wetgever heeft dit uiteindelijk echter niet gedaan. Dit betekent dat in Nederland persoonsgegevens van overledenen niet worden beschermd.

Biometrische persoonsgegevens

 De AVG maakt onderscheid tussen gewone en bijzondere persoonsgegevens. Voorbeelden van bijzondere persoonsgegevens zijn gegevens over ras of etnische afkomst, politieke opvattingen, religieuze of levensbeschouwelijke overtuigingen en gezondheidsgegevens. Ook biometrische gegevens met het oog op de unieke identificatie van een persoon zijn bijzondere persoonsgegevens, zoals gezichtsafbeeldingen, irisscans en vingerafdrukken. Deze worden in de praktijk bijvoorbeeld gebruikt om de toegang tot plaatsen te reguleren of de werktijden van werknemers te registreren.

Voor bijzondere persoonsgegevens gelden strenge regels. De verwerking hiervan is in beginsel verboden. De nationale wetgever heeft in de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming (UAVG) nadere regels vastgesteld over de verwerking van biometrische gegevens. De UAVG bepaalt dat het verbod om deze gegevens te verwerken niet van toepassing is wanneer de verwerking noodzakelijk is voor authenticatie of beveiligingsdoeleinden. Er dient een afweging te worden gemaakt of identificatie met biometrische gegevens noodzakelijk is voor de authenticatie of beveiligingsdoeleinden. Moeten de gebouwen of informatiesystemen zodanig worden beveiligd dat dit met behulp van biometrische gegevens gebeurd of kan dit ook op een andere wijze gebeuren? Deze afweging dient per situatie te worden gemaakt. De betekenis hiervan voor het gebruik van een vingerafdrukscan heeft Monica Leenders in een eerdere bijdrage[1] toegelicht.

Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Janne Verheijden. U kunt uiteraard ook contact opnemen met één van de andere advocaten van ons team Privacy.

November 2018

[1] https://www.boelszanders.nl/publicatie/vingerafdrukscan-en-avg-mag/

746 
Ik help u graag verder
Janne Verheijden
Advocaat
Meest gelezen
  • ‘Kopietje paspoort’
  • ‘Oude’ pandeigenaren versus nieuw...
  • “Als lekkerste getest” niet...
  • “Detachering” leerling is verwijdering
  • (Tucht)procedures en wijziging Wet BIG: meer...