Detailhandel met alcohol een stap dichterbij?

Om de leegstand van winkelruimtes tegen te gaan wordt er door ondernemers steeds vaker ingezet op nieuwe bedrijfsconcepten. Een van deze concepten is ‘blurring’: het combineren van verschillende gebruiksfuncties binnen één onderneming. Gedacht kan worden aan detailhandel samen met horecafuncties waaronder het schenken van alcoholhoudende dranken. Momenteel biedt de geldende wetgeving slechts beperkte mogelijkheden voor deze combinaties, maar een recent behandeld initiatiefwetsvoorstel  beoogt hierin verandering te brengen. Interessant is daarom om te bezien welke kansen deze wetgeving ondernemers biedt om te experimenteren met nieuwe mengvormen van detailhandel en horeca.

Blurring en wettelijke belemmeringen
De afgelopen jaren is de grens tussen detailhandel en horeca in toenemende mate vervaagd met de introductie van het concept ‘blurring’. Te denken valt hierbij aan de supermarkt met restaurant, de boekenhandel met koffiecorner of de kapperszaak met wijnbar. Vanuit wettelijk oogpunt zijn er echter verschillende belemmeringen tegen deze vorm van functiemenging denkbaar.

Uitgangspunt binnen het bestuursrecht is dat de op een locatie rustende bestemming leidend is voor het gebruik van die locatie. In het geldende bestemmingsplan is meestal een beschrijving opgenomen van de activiteiten die zijn toegestaan onder de betreffende bestemming. Een bestemmingsplan maakt daarbij onderscheid tussen afzonderlijke enkelbestemmingen zoals ‘detailhandel’ en ‘horeca’. Dit betekent dat een onderneming in beginsel detailhandel- of horecafuncties kan vervullen, maar niet beide functies gelijktijdig.

De gebruiker die handelt in strijd met de op een perceel rustende bestemming zal meestal met bestuursrechtelijke handhaving worden geconfronteerd. Hoewel een gemeentebestuur in bepaalde gevallen welwillend tegen een nieuw bedrijfsconcept kan staan, is zij in beginsel verplicht te handhaven indien hiertoe een verzoek wordt gedaan. Vooral voor concurrerende ondernemingen is dit een interessant middel om de bedrijfsvoering van nieuwe ondernemingen effectief te dwarsbomen. Om handhaving te voorkomen kan de ondernemer een omgevingsvergunning aanvragen of een verzoek indienen om het bestemmingsplan te wijzigen. Deze procedures duren respectievelijk 8 en 26 weken en kunnen bovendien gepaard gaan met aanvullende kosten. Wel biedt een bestemmingsplanwijziging de mogelijkheid om horeca als ongeschikte functie aan een detailhandelbestemming toe te voegen. Hiervoor is doorgaans wel vereist dat de horeca kan worden gekwalificeerd als incidenteel, voortvloeiend uit, en ondergeschikt aan de oorspronkelijke bedrijfsactiviteiten.

Naast genoemde bestuursrechtelijke aandachtspunten zijn er ook vanuit het huur- en mededingingsrecht enkele belemmeringen tegen functiemenging binnen een onderneming denkbaar. De belangrijkste zien op het handelen van een huurder in strijd met de contractueel overeengekomen huurbestemming en het maken van brancheafspraken tussen huurder en verhuurder met het oog op exclusiviteit.

Huidige drank- en horecawetgeving
Een bijzondere positie in het wettelijk kader neemt het verstrekken van alcoholhoudende dranken in. Het verstrekken van deze dranken wordt gereguleerd via de Drank- en Horecawet (hierna: ‘DHW‘).

Op grond van artikel 3 lid 1 DHW is het alleen toegestaan om alcoholhoudende dranken te verstrekken zonder een daartoe strekkende vergunning. Hierbij is het verstrekken van alcoholhoudende dranken voorbehouden aan horeca- en slijtersbedrijven. Dit bedrijven die bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende dranken aan particulieren verstrekken. Bedrijven die niet als primaire bedrijfsuitoefening het verstrekken van alcoholhoudende dranken uitoefenen, worden echter niet als zodanig aangemerkt en komen dan ook niet voor een DHW-vergunning in aanmerking. Wel bestaat de mogelijkheid om ingevolge artikel 35 DHW een ontheffing aan te vragen voor het schenken van zwak-alcoholhoudende dranken, maar deze ontheffing geldt slechts voor een aaneengesloten periode van maximaal twaalf dagen.

Om nieuwe initiatieven van blurring binnen de detailhandel tegemoet te komen, is eind 2015 besloten te starten met de landelijke pilot “Reguleren mengvormen winkel/horeca ”. Deze pilot zag op het combineren van detailhandel met het schenken van zwak-alcoholhoudende dranken, zonder dat hiervoor een DHW-vergunning of ontheffing moest worden aangevraagd. De rechter  heeft echter in 2016 geoordeeld dat deze pilot in strijd was met de DHW. In 2017 is vervolgens door de Tweede Kamer een motie  aangenomen die gemeenten verzoekt te handhaven op mengvormen van retail en horeca. Dit alles heeft echter niet belet dat recentelijk alsnog een initiatiefwetsvoorstel is besproken teneinde deze mengvormen te reguleren.

Wetsvoorstel aanpassing DHW
Het initiatiefwetsvoorstel van Tweede Kamerlid Ziengs (VVD) ziet op een aanpassing van de DHW en het vervallen van een tweetal onderliggende besluiten. Het doel van dit wetsvoorstel is enerzijds om horeca- en slijtersbedrijven meer flexibiliteit te bieden door toe te staan dat alcoholhoudende dranken ook respectievelijk voor gebruik elders of ter plaatse mogen worden geschonken. Anderzijds wordt het voor bedrijven met detailhandel mogelijk om alcoholhoudende dranken aan te bieden aan hun klanten. Deze mogelijkheid wordt gecreëerd met de introductie van het ‘gemengd kleinhandelsbedrijf’: een nieuw type inrichting waarin naast het verstrekken van alcoholhoudende dranken andere bedrijfsactiviteiten worden verricht.

Uitgangspunt van het wetsvoorstel is dat de gemengde kleinhandelsbedrijven net als horeca- en slijtersbedrijven een DHW-vergunning kunnen aanvragen. In tegenstelling tot de ‘reguliere’ DHW-vergunning geldt dat aan een DHW-vergunning voor een gemengd kleinhandelsbedrijf eisen kunnen worden gesteld bij algemene maatregel van bestuur. Hierbij kan het volgens de initiatiefnemer gaan om voorschriften op basis waarvan de burgemeester een dergelijke vergunning kan verlenen. Gedacht kan bijvoorbeeld worden aan een verbod op het aanleggen van een terras. Aanvullend daarop kan het bevoegde college van burgemeester en wethouders nadere regels stellen in het kader van de openbare orde en veiligheid. Verder geldt dat gemengde kleinhandelsbedrijven net als horeca- en slijtersbedrijven moeten voldaan aan diverse eisen die voortvloeien uit de DHW, zoals leeftijdsgrenzen, sociale hygiëne en de aanwezigheid van leidinggevenden in de inrichting.

De in het wetsvoorstel opgenomen aanpassingen maken op zichzelf mengvormen van detailhandel en horeca met het verstrekken van alcoholhoudende dranken, niet zonder meer mogelijk. Immers gelden de al genoemde belemmeringen nog steeds voor gemengde kleinhandelsbedrijven. In veel gevallen zal dan ook het geldende bestemmingsplan moeten worden gewijzigd om ondergeschikte horeca alsnog toe te staan. Of deze planwijzigingen er komen hangt hierbij af van de politieke beleidsopvattingen van de betreffende gemeenteraad.

Tot slot
Of detailhandel gecombineerd met het verstrekken van alcoholhoudende dranken inmiddels een stap dichterbij is gekomen valt nog te bezien, nu de Tweede en Eerste Kamer zich nog moeten buigen over het wetsvoorstel. Duidelijk is echter dat vanuit diverse ondernemers en gemeenten steeds vaker de roep komt om mengvormen van detailhandel en horeca wettelijk te reguleren. Tegelijkertijd zijn er diverse partijen die grote bezwaren hebben tegen het onderhavige wetsvoorstel, onder meer ten aanzien van de volksgezondheid en de concurrentiepositie van horeca- en slijtersbedrijven. Gelet op de toenemende behoefte van consumenten aan nieuwe winkelervaringen en de noodzaak om leeglopende stadscentra nieuw leven in te blazen, is het laatste hierover zeer zeker nog niet gezegd.

Meer informatie
Wilt u meer informatie over dit onderwerp of heeft u vragen, neem dan contact op met Jan Stoop. U kunt uiteraard ook contact opnemen met één van de andere advocaten van ons team bestuursrecht.

734 
Ik help u graag verder
Jan Stoop
Partner
Meest gelezen
  • ‘Kopietje paspoort’
  • ‘Oude’ pandeigenaren versus nieuw...
  • ‘Recht op vergetelheid’ heeft geen...
  • “Als lekkerste getest” niet...
  • “Detachering” leerling is verwijdering