Motivatie ontslag statutair bestuurder bij ontslag

De statutair directeur heeft een bijzondere arbeidsrechtelijke positie. De Hoge Raad heeft in de zogenaamde 15-april arresten namelijk geoordeeld dat het besluit van de Algemene Vergadering tot ontslag van een statutair bestuurder in de regel ook het einde van de arbeidsrechtelijke relatie van deze statutair bestuurder met zich meebrengt. Een preventieve ontslagtoets vindt – anders dan bij een “gewone” werknemer – dan ook niet plaats. Dit houdt in dat er geen UWV of kantonrechter betrokken is bij het ontslag van een statutair bestuurder. Een statutair bestuurder heeft net als een gewone werknemer recht op de transitievergoeding.

Een ontslagen statutair bestuurder kan bovendien géén herstel van zijn arbeidsovereenkomst vorderen, maar kan wél aanspraak maken op een billijke vergoeding indien aan de opzegging van de arbeidsovereenkomst géén redelijke grond zoals genoemd in artikel 7:669 BW ten grondslag ligt of de opzegging het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.

Wat de grond voor het ontslag is, moet aan de statutair bestuurder kenbaar worden gemaakt bij ontslag. De vraag of deze grond nog op een later moment, te weten in een juridische procedure, gewijzigd of aangevuld mag worden, staat centraal in de kwestie die heeft geleid tot het oordeel van de kantonrechter te Arnhem.

De werkgever heeft in de ontslagbrief als ontslaggrond “verschil van inzicht” vermeld. De ontslagen statutair directeur stelt zich op het standpunt dat er géén sprake is van een verschil van inzicht, zoals gesteld in de ontslagbrief en dus dat aan hem een (aanzienlijke) billijke vergoeding toekomt. De werkgever stelt zich in de procedure op het standpunt dat er naast een verschil van inzicht óók nog sprake is van disfunctioneren en een verstoorde arbeidsverhouding. De rechter toets het gegeven ontslag evenwel enkel aan de in de ontslagbrief vermelde redelijke grond en niet aan de later aangevoerde gronden. Dit omdat een ontslagen statutair bestuurder, nu er geen preventieve toets plaatsvindt, moet weten waartegen hij zich moet verweren. De kantonrechter oordeelt dat het verschil van inzicht niet aannemelijk is gemaakt en kent aan de statutair directeur een billijke vergoeding toe van EUR 50.000,-.

Houd er bij het ontslag van een statutair directeur dus rekening mee dat de gronden voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst tijdig en volledig kenbaar worden gemaakt.

Meer informatie
Meer weten over de bijzondere positie van de statutair bestuurder? Neem contact op met Team Arbeidsrecht. Daarnaast houden wij u op de hoogte van de laatste ontwikkelingen binnen het Arbeidsrecht op onze showcasepagina op LinkedIn.

Januari 2020

714 
Ik help u graag verder
Mareine Callemeijn
Advocaat
Meest gelezen
  • ‘Kopietje paspoort’
  • ‘Oude’ pandeigenaren versus nieuw...
  • ‘Recht op vergetelheid’ heeft geen...
  • “Als lekkerste getest” niet...
  • “Detachering” leerling is verwijdering