Publicaties

Publicaties
Array
(
    [0] => WP_Post Object
        (
            [ID] => 13399
            [post_author] => 21
            [post_date] => 2017-07-17 11:40:16
            [post_date_gmt] => 2017-07-17 09:40:16
            [post_content] => Na de verplichte statutenwijzigingen van de toegelaten instellingen zelf, zijn nu die van de dochtermaatschappijen aan de beurt. De statuten van de dochtermaatschappijen moeten vóór 1 januari 2018 conform de Woningwet zijn. Er is in principe geen uitstel mogelijk, tenzij de dochter op 1 januari 2018 gaat fuseren.

Dochtermaatschappijen in de zin van de woningwet zijn, dochtermaatschappijen als bedoel in artikel 2:24a van het Burgerlijk Wetboek ("BW") van een toegelaten instelling ("TI").

2:24a BW komt neer op het volgende:
  1. een rechtspersoon waarin de TI of een of meer van zijn dochtermaatschappijen, al dan niet krachtens overeenkomst met andere stemgerechtigden, alleen of samen meer dan de helft van de stemrechten in de algemene vergadering kunnen uitoefenen.
  2. een rechtspersoon waarvan de TI of een of meer van zijn dochtermaatschappijen lid of aandeelhouder zijn en, al dan niet krachtens overeenkomst met andere stemgerechtigden, alleen of samen meer dan de helft van de bestuurders of van de commissarissen kunnen benoemen of ontslaan, ook indien alle stemgerechtigden stemmen.
Dochtermaatschappijen zijn niet een woningvennootschap of een samenwerkingsvennootschap. Onlangs heeft de Autoriteit Woningcorporaties ("Aw") het beoordelingskader gepubliceerd. Dit beoordelingskader geeft woningcorporaties inzicht waaraan de statuten moeten voldoen. Aan deze punten moeten de statuten dus in ieder geval voldoen. Zodra de statuten in concept in overeenstemming zijn gebracht met nieuwe eisen, dan dient deze (concept) statutenwijziging worden voorgelegd aan de Aw. Bij de aanvraag moet de volgende informatie worden verstrekt:
  • De reden waarom tot statutenwijziging wordt overgaan. Dit betreft dus de verplichting op grond van de wet en het overgangsrecht;
  • de integrale tekst van de statuten waarin de wijzigingen zijn opgenomen;
  • opgaaf van de artikelen/bepalingen waarin de verplichte bepalingen uit het beoordelingskader in de statuten zijn opgenomen.
Op de website van de Aw staat het e-mailadres waar de aanvraag naar toe dient te worden gestuurd. Op het moment van publicatie van dit artikel is het e-mailadres: [email protected] waarbij het volgende in het onderwerp moet worden gezet: "Aanvraag statutenwijziging dochtermaatschappij + L- nummer corporatie + naam dochtermaatschappij”. Na ontvangst van de aanvraag ontvangt de aanvragen binnen een week een schriftelijke bevestiging. De Aw heeft een beslistermijn van 8 weken. Deze termijn wordt echter opgeschort als de Aw vragen en/of opmerkingen heeft. Zorg dus voor tijdige aanlevering van de concept statutenwijziging bij de Aw. Indien de woningcorporatie (schriftelijke) goedkeuring krijgt, moeten de statuten binnen drie maanden gepasseerd zijn bij de notaris. Meer informatie Heeft u nog vragen over dit onderwerp? Neem dan contact op met Michiel Peeters, Robin Thevissen of een van onze andere advocaten van het team Woningcorporaties. Zij zijn u graag van dienst. Juli 2017   [post_title] => Beoordelingskader statutenwijzigingen dochtermaatschappijen gepubliceerd! [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => beoordelingskader-statutenwijzigingen-dochtermaatschappijen-gepubliceerd [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-07-17 11:40:16 [post_modified_gmt] => 2017-07-17 09:40:16 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.boelszanders.nl/?post_type=publication&p=13399/ [menu_order] => 0 [post_type] => publication [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [1] => WP_Post Object ( [ID] => 10003 [post_author] => 2 [post_date] => 2017-03-22 09:56:27 [post_date_gmt] => 2017-03-22 08:56:27 [post_content] => Indien iemand een bouwwerk wil (ver)bouwen, dan is daar in beginsel een omgevingsvergunning voor vereist (zie artikel 2.1 lid 1 sub a Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, hierna: "Wabo"). Bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen wordt nu nog getoetst aan het Bouwbesluit 2012 (zie artikel 2.10 lid 1 sub a Wabo). Het Bouwbesluit 2012 bevat technische voorschriften die betrekking hebbend op het bouwen van een bouwwerk, uit oogpunt van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu. Als het bevoegd gezag niet aannemelijk vindt dat een te bouwen bouwwerk zal voldoen aan de technische eisen uit het Bouwbesluit 2012, moet de vergunning worden geweigerd. Het uitgangspunt van het met dit wetsvoorstel voorgenomen stelsel, is dat de markt zelf de verantwoordelijkheid gaat dragen voor de kwaliteitsborging in de bouw binnen door de overheid gestelde kaders. De huidige minimumeisen voor bouwkwaliteit (de bouwtechnische voorschriften) wijzigen daarbij niet. De verschuiving van verantwoordelijkheid leidt wel tot een andere benadering. Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning zal het bevoegd gezag een bouwplan namelijk niet meer toetsen aan de bouwtechnische voorschriften zoals volgen uit het Bouwbesluit 2012. Het bevoegd gezag zal toetsen of gebruik wordt gemaakt van een toegelaten instrument dat geschikt is voor het type bouwwerk en of deze met toestemming van de instrumentaanbieder door een kwaliteitsborger wordt toegepast. Bij de oplevering van het bouwwerk is het vervolgens de aannemer die moet aantonen dat aan het Bouwbesluit 2012 wordt voldaan. Het wetsvoorstel is op dit moment in behandeling bij de Eerste Kamer. Meer informatie Heeft u vragen over dit onderwerp? Wilt u meer informatie? Neem dan contact op met Nina Rijsterborgh of een van de andere advocaten van team Bestuursrecht. Zij zijn u graag van dienst. Maart 2017 [post_title] => Wetsvoorstel Kwaliteitsborging voor het bouwen aangenomen [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => wetsvoorstel-kwaliteitsborging-voor-het-bouwen-aangenomen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-03-22 10:17:38 [post_modified_gmt] => 2017-03-22 09:17:38 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.boelszanders.nl/?post_type=publication&p=10003 [menu_order] => 0 [post_type] => publication [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [2] => WP_Post Object ( [ID] => 10783 [post_author] => 2 [post_date] => 2017-04-03 15:32:00 [post_date_gmt] => 2017-04-03 13:32:00 [post_content] => Op 27 maart 2017 is bekendgemaakt dat de Wet aanpak woonoverlast per 1 juli 2017 in werking zal treden. Door invoering van deze Wet krijgen burgemeesters meer bevoegdheden om op te treden tegen woonoverlast, zoals geluidsoverlast, blaffende honden en vervuilde portieken. Woonoverlast en het nieuwe artikel 151d Gemeentewet De overheid heeft nu twee opties om op te treden tegen woonoverlast:
  • de overlastgever een bestuurlijke (en vrijblijvende) waarschuwing geven; of
  • hem uit huis plaatsen/de woning sluiten.
De eerste optie is te licht en heeft vaak geen effect. De tweede optie wordt vaak te rigoureus bevonden en wordt streng getoetst door de rechter. Daarom vindt de wetgever een tussenvorm nodig. De overheid moet volgens de wetgever de mogelijkheid krijgen om de overlastgever een specifieke gedragsaanwijzing te geven. Een specifieke gedragsaanwijzing zou bijvoorbeeld bij een blaffende hond inhouden dat de eigenaar de hond een muilkorf moet laten dragen. Bij luidruchtige gasten kan een gedragsaanwijzing inhouden dat de overlastgever slechts een beperkt aantal bezoekers per dag mag ontvangen en na een bepaalde tijd helemaal geen bezoekers meer mag ontvangen. De wetgever wil met de nieuwe wet dus bewerkstelligen dat de overheid in specifieke gevallen maatwerk kan leveren om overlast terug te dringen. Mocht een bepaalde gedragsaanwijzing niet werken, dan kan men desgewenst alsnog overgaan tot sluiting van de woning in kwestie. De specifieke gedragsaanwijzing wordt juridisch mogelijk gemaakt door het nieuwe artikel 151d Gemeentewet: de gemeenteraad kan bij verordening de burgemeester de bevoegdheid verlenen tot oplegging van een last onder bestuursdwang aan degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt, indien door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf omwonenden ernstig worden gehinderd. Het is dus niet zo dat de burgemeester deze bevoegdheid automatisch heeft. De gemeenteraad moet eerst een verordening opstellen waarin deze bevoegdheid aan de burgemeester wordt toegekend. Door deze "trapsgewijze" bevoegdheidstoedeling aan de burgemeester via de gemeenteraad, kan volgens de wetgever rekening worden gehouden met de specifieke behoeftes en omstandigheden per gemeente. De gemeenteraad kan zelf besluiten op welke wijze de bevoegdheid wordt verleend. Er zijn meerdere mogelijkheden denkbaar. Het kan voor een beperkte duur of voor een specifiek gebied. Het is mogelijk de bevoegdheid slechts eenmalig te verlenen voor een specifiek geval of om te kiezen voor een algemene bevoegdheidsverlening, waarna de burgemeester de bevoegdheid naar eigen inzicht kan gebruiken. Wanneer is het artikel van toepassing? Artikel 151d Gemeentewet bevat een aantal aspecten. Het is de vraag wanneer het artikel van toepassing is. Wanneer is bijvoorbeeld sprake van ernstige hinder? En jegens wie kan een gedragsmaatregel worden opgelegd? Met "ernstig worden gehinderd" wordt gedoeld op ernstige hinder voor omwonenden. Een vergelijking kan worden gemaakt met artikel 5:37 Burgerlijk Wetboek ("BW"), dat onrechtmatige burenhinder regelt (bijv. rumoer, trillingen, stank, rook). Het is overigens niet zo dat elke onrechtmatige burenhinder als bedoeld in artikel 5:37 BW ook direct kan worden aangemerkt als ernstige hinder als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet. De burgemeester komt beleidsvrijheid toe in de afweging of hij de hinder ernstig genoeg acht om de oplegging van een gedragsmaatregel te rechtvaardigen. Onder "degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt" wordt verstaan de gebruiker van de woning. Deze gebruiker hoeft geen huurrechtelijke of eigendomsrechtelijke relatie te hebben tot de woning en hoeft ook niet de rechtmatige bewoner te zijn. Het kan dus ook gaan om een regelmatige gast, illegale onderhuurder of kraker. Rechtsbescherming Een specifieke gedragsaanwijzing is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht ("Awb"). Dat betekent dat diegene die een gedragsaanwijzing opgelegd krijgt, bezwaar kan indienen tegen het besluit als hij het niet eens is met deze gedragsaanwijzing. Ook kan hij vervolgens in (hoger) beroep gaan tegen de opgelegde gedragsaanwijzing. Conclusie Met de inwerkingtreding van de Wet lijkt een nieuwe weg te zijn ingeslagen in de bestrijding van woonoverlast. Het is echter nog maar de vraag hoeveel gemeenten en op welke wijze gemeenten gebruik gaan maken van de geboden bevoegdheid. Dat zal blijken na 1 juli aanstaande. Meer informatie Heeft u vragen over dit onderwerp? Wil u meer informatie? Neem dan contact op met Nina Rijsterborgh of een van de andere advocaten van team bestuursrecht. Zij zijn u graag van dienst. April 2017 [post_title] => Wet aanpak woonoverlast treedt per 1 juli 2017 in werking [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => wet-aanpak-woonoverlast-treedt-per-1-juli-2017-in-werking [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-04-03 15:37:16 [post_modified_gmt] => 2017-04-03 13:37:16 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.boelszanders.nl/?post_type=publication&p=10783 [menu_order] => 0 [post_type] => publication [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [3] => WP_Post Object ( [ID] => 6916 [post_author] => 21 [post_date] => 2017-02-17 11:30:39 [post_date_gmt] => 2017-02-17 10:30:39 [post_content] => In ons nieuwsbericht gaven we al aan dat de Veegwet tot wet is aangenomen door de Eerste kamer. In dit artikel worden enkele highlights die de Veegwet met zich brengt opgesomd: Governance
  • Een vereniging van eigenaars kwalificeert niet als verbonden onderneming;
  • Storten van aandelenkapitaal mag enkel bij oprichting;
  • De winst van een met de TI verbonden onderneming komt de aandeelhouders ten goede. Dit was al bepaald in artikel 21b Woningwet. Nu wordt daaraan het volgende toegevoegd. Van artikel 2:201 (gelijkheid van aandeelhouders) en 2:216 BW (winstuitkering) mag niet ten nadele van de TI worden afgeweken;
  • WSW kan inmiddels wél een pand- en/of hypotheekrecht vestigen op niet-DAEB. Dit is geregeld in het nieuwe lid 4 van artikel 21d Woningwet. Aan dit pand-/hypotheekrecht op niet-DAEB is wel een eis verbonden, namelijk dat sprake is van financiële problemen. Bovendien moeten deze financiële problemen gevolgen hebben voor het voortzetten van DAEB-werkzaamheden;
  • Bij een TI die een vereniging is, geldt een nieuwe eis voor (a) de benoeming van bestuurders en (b) het nemen van bestuursbesluiten die goedkeuring van de RvC behoeven. De algemene vergadering dient in de gelegenheid te worden gesteld schriftelijk advies uit te brengen. Volgt de RvC dit advies niet, dan moet dit gemotiveerd worden medegedeeld aan de algemene vergadering. Dit recht van de algemene vergadering dient te worden opgenomen in de statuten en reglementen van de TI die gekozen heeft voor een verenigingsvorm;
  • Een verduidelijking van de onverenigbaarheden van het bestuurslidmaatschap met andere functies (artikel 25 Woningwet);
  • Aanpassingen van het bindende voordrachtsrecht voor commissarissen, zoals opgenomen in artikel 30 lid 9 Woningwet;
  • De RvC kan te allen tijde de aan de accountant verstrekte opdracht intrekken;
  • Wijziging van de bepaling over fusie.
  • De TI dient haar statuten uiterlijk voor 1 januari 2019 in overeenstemming met de gewijzigde Woningwet (nieuw artikel 134 Woningwet) te brengen;
Werkzaamheden Het gebied van de volkshuisvesting wordt uitgebreid door:
  • de werkzaamheden onder onderdelen a tot en met h (behoudens onderdeel c) mede uit te breiden naar die van de met de TI verbonden ondernemingen;
  • nieuw onderdeel j: "verlenen van diensten ten behoeve van de bedrijfsvoering of administratie, waaronder mede begrepen het toewijzen van woongelegenheden en aanhorigheden, van haar verbonden ondernemingen of toegelaten instellingen en met hen verbonden ondernemingen."
  • Niet onderdeel k: "verlenen van diensten ten behoeve van de administratie van huurdersorganisaties of bewonerscommissie, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f respectievelijk g, van de Wet op het overleg huurder verhuurder."
Aan de DAEB-activiteiten worden er twee toegevoegd, namelijk:
  • "h. de werkzaamheden, genoemd in het bepaalde bij en krachtens artikel 45, tweede lid, onderdeel j, en zesde lid , voor zover zij worden verricht ten behoeve van andere toegelaten instellingen en noodzakelijkerwijs voortvloeien uit het verrichten van de werkzaamheden, genoemd en bedoeld in de onderdelen a tot en met f, en
  • i. de werkzaamheden, genoemd in het bepaalde bij en krachtens artikel 45, tweede lid, onderdeel k, en zesde lid.".
Mocht u vragen hebben over de veranderingen die de Veegwet meebrengt voor uw woningcorporatie, neem dan contact met ons op. Wij helpen u graag.   Februari 2017 [post_title] => Highlights Veegwet Wonen [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => highlights-veegwet-wonen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-02-17 11:35:49 [post_modified_gmt] => 2017-02-17 10:35:49 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.boelszanders.nl/?post_type=publication&p=6916 [menu_order] => 0 [post_type] => publication [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [4] => WP_Post Object ( [ID] => 6917 [post_author] => 21 [post_date] => 2017-02-17 11:30:19 [post_date_gmt] => 2017-02-17 10:30:19 [post_content] => De Autoriteit Woningcorporaties anticipeerde sinds 1 januari 2017 op de wijzigingen uit de Veegwet Wonen. Dit ondanks het feit dat de definitieve tekst nog niet gepubliceerd was. Inmiddels is dit anders. De definitieve Veegwet is gepubliceerd nadat de Eerste Kamer deze heeft aangenomen. De Veegwet is daarmee tot wet verheven. De inwerkingtreding wordt op een later moment bij koninklijk besluit vastgesteld. Het vermoeden is dat dit op 1 juli 2017 zal zijn. Februari 2017 [post_title] => Veegwet wonen verheven tot wet [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => veegwet-wonen-verheven-tot-wet [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-02-17 11:30:46 [post_modified_gmt] => 2017-02-17 10:30:46 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.boelszanders.nl/?post_type=publication&p=6917 [menu_order] => 0 [post_type] => publication [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) )
< 1 >

Wij gebruiken cookies om u de beste online ervaring te bieden. Door akkoord te gaan, accepteert u het gebruik van cookies in overeenstemming met ons cookiebeleid.

Privacy Settings saved!
Privacy-instellingen

Wanneer u een website bezoekt, kan het informatie in uw browser opslaan of ophalen, meestal in de vorm van cookies. Beheer hier uw persoonlijke Cookie Services.

Deze cookies zijn nodig om de website te laten functioneren en kunnen niet worden uitgeschakeld in onze systemen.

In order to use this website we use the following technically required cookies
  • wordpress_test_cookie
  • wordpress_logged_in_
  • wordpress_sec

Omwille van de prestaties gebruiken we Cloudflare als een CDN-netwerk. Hiermee wordt een cookie "__cfduid" opgeslagen om beveiligingsinstellingen per client toe te passen. Deze cookie is strikt noodzakelijk voor de beveiligingsfuncties van Cloudflare en kan niet worden uitgeschakeld.
  • __cfduid

Geen toestemming
Wel toestemming